De thans gedempte haven herbergde in het begin van deze eeuw nog talrijke schepen. Beurtvaartuigen en andere vrachtvaarders, Bietenschepen en vissersschuiten brachten hier een steeds wisselende bedrijvigheid.



Grote ruime herenhuizen omzoomden dit deel van de haven. In een ervan was van 1901 tot 1903 het juvenaat van de Priesters van Het H.Hart gevestigd (rechts op de foto), dat eerder in de Wouwse straat was ondergebracht. In 1903 werd het nieuwe klooster Aan de Antwerpse straatweg betrokken.



Met zijn water,kaden en gevelwanden was de Havenwijk een gaaf,harmonisch en levend stadsdeel. Van onder het Spuihuis stroomde de Moeregreb in de haven uit.



Hier de achterkant van het uit 1838 daterende Spuihuis, een voor de waterbeheersing belangrijke gebouw, met Het laatste, toen nog niet overkluisde van de Moeregreb. Dit stadswater liep vanaf het pielekeswater dwars door de stad, Langs de zuidkant van de vismarkt, onder het Markiezenhof door langs de Moeregrebstraat naar de haven.



Vanaf het Spuihuis rechts de Dubbelstraat ( Steeleke ) ingaand kwam men in de Potteriekes. De buurt waar vanouds de Pottenbakkerijen gevestigd waren. Eertijds was dit een der belangrijkste bestaansbronnen,waaraan echter in het laatst Van de 19e eeuw een einde kwam. In grote hoeveelheden werd hier sedert de middeleeuwen het gewone gebruiksaardewerk Voor keuken en boerderij gefabriceerd.

Gemeente archief

De grote Watermolen aan de haven


Vóór de bouw van de huidige Watermolen aan de Vissershaven, waren er reeds een aantal watermolens, onder andere aan de Moervaart, aan de Zeezuiper en een aan de Moeregrebstraat. Eind 15e eeuw was er behoefte aan een nieuwe Watermolen, speciaal Voor de stad, en heeft men gekozen voor de zuidkant van de haven bij de kalkoven. De Watermolen heeft veel te lijden gehad van stormvloeden.

Zout


In de periode tussen 1570 en 1580 werd het gebied tussen de Watermolen en de Ham uitgegeven ten behoeve van de zoutketen, met name voor die welke tevoren gevestigd waren aan het havenhoofd. De "Panneluyden " of Zoutzieders werd toestemming gegeven om het molenwater te gebruiken voor de zoutnering.

Veranderingen


In 1886 is het werk aanbesteed tot het metselen van de zuidelijke kademuur, waardoor de molenkom werd omgevormd tot de huidige Vissershaven. In 1908 wordt aanbesteed het maken van een dubbele basculebrug aan de uitmonding van de Vissershaven. In 1903 wordt de huidige betonnen kademuur opgetrokken. Van 1937 tot 1962 was op het terrein van de Watermolen de afdeling gemeentewerken gevestigd. Sindsdien fungeert het complex als opslagplaats.

Bron: Gemeentearchief Bergen op Zoom